
Miauw lieve allemaal, we zijn weer terug van weg geweest en hopen dat het goed met iedereen gaat na de tropische purriode.
Ontdekking
Frou Frou: “De zomer is eindelijk écht begonnen, en hoe. Het is zo heet binnen en buiten, dat het balkon de hele nacht open is voor furkoeling. Voor mij en Jajim een feestje. We lopen in en uit wanneer we willen. Bepalen zelf of we op avontuur gaan om mieren te tellen of om op de grote mensenmand mee te doen met de lange dut. Vanavond is het anders. Ik ga op de deurmat bij de deur staan en onze mensenbroer steekt zijn hand uit, kriebelt me op mijn koppie en zegt ‘zo terug! Lief binnen blijven hoor’ en sluit de balkondeur achter zich zodra hij buiten staat. Een beetje verward blijf ik bij de deur staan tot hij terug is. ‘Kom maar, het is al klaar!’
De avondzon schijnt in streepjes op mijn zwarte vacht als ik naar buiten loop. Normaal zijn het nooit streepjes. Zachtjes laat ik mezelf neerploffen op de nog warme balkonvloer en kijk om me heen. Ik spits mijn oortjes, het ritselt. Wat krijgen we nou? Ik steek mijn neusje in de lucht en zet mijn snorharen op standje furkenning. Het gaat van ‘ZZZSSJJ ZZSSSJ ZSSJJ’. Er hangt een soort doek met gaatjes. Waar is mijn zon gebleven? Vragend kijk ik terug naar binnen, onze mensenbroer heeft wat uit te leggen.”
Keiheet
‘Het zijn voorbereidingen voor de tropische zon en hitte’, legt onze tweevoeter uit. Dat is waar ook. Er komen keihete dagen aan, zoiets furtelde een weermevrouw die in dat rechthoekige ding aan de muur woont. Meowsgierig houd ik mijn koppie scheef. ‘Mogen we dan helemaal niet naar buiten vanmiddag?’, het is het proberen waard om het met mijn meest aandoenlijke stemmetje te vragen. Het werkt niet. ‘Jullie blijven binnen, meisjes, het is echt beter om dat keihete zoveel mogelijk buiten te houden. Daarom hangen de
legernetten er, die maken extra schaduw op de ramen.’
Even proberen Jajim en ik het nog, maar het maakt geen furschil. De legernetten blijven hangen en pas ‘s avonds mogen we weer buitenspelen. Voor mij mag die balkondeur anders best open blijven overdag, denk ik nog. Jajim en ik zouden het liefst de hele dag op het balkon furtoeven. Om Saame mieren te kijken, af en toe wat te tuinieren en over de balkonvloer te rollen terwijl we zonnestralen vangen, zoals Willem dat ons geleerd heeft. Hoewel Jajim nog regelmatig beschutting zoekt onder de purrasol, dat wel. Maar nu hangen er dus schaduwdoeken en kán je niet meer in de volle zonnestraal.”
Binnen
Jajim: “We wonen ook nog heel hoog, dichter bij de zon, zonder beschutting en met een plat dak. Dat wordt zo warm dat je er wel een kipfilet op zou kunnen braden. De ramen hebben de hele dag zon, maar daar wilde onze mensenbroer een poot voor steken door legernetten op te hangen in onze ren. Waar we op gewone dagen de hele dag vogels kunnen kijken, zijn het nu opeens rode gordijnen waar we tegenaan koekeloeren. Maar wat we ook hebben, zijn twee waaidingen. Die ene is echt supurrr krachtig en staat de hele dag te loeien, zelfs ‘s nachts. Frou Frou vindt dat hete helemaal niet erg trouwens, sterker nog, ze is een poes van de bovenste plank waar het nog een graadje warmer is. Zelf neem ik een furrbeeld aan onze mensenbroer.
Hij zit in zijn zwembroek en hemd op de bank bij het waaiding. Rustig ga ik naast zijn voeten liggen, languit op de koele laminaatvloer. Het briesje kietelt door mijn haren en mijn ogen gaan een beetje dicht. Achter mijn oogleden zie ik al gauw allemaal visjes zwemmen in een klein beekje, met in het midden speciaal voor mij en Frou Frou een rots waar we Saame droog kunnen zitten om visjes te vangen. Mijn mensenbroer zei later dat mijn pootjes ook in wakker-land aan het vissen waren, zo enthousiast was ik.”
Bovenste plank
Frou Frou: “Waar Jajim al ver weg naar dromenland is, ben ik helemaal alert. De gordijnen zijn dicht, dat is anders nooit. Een beetje furveeld loop ik rond. De lunch zit net in onze maagjes, geen vogel-TV, voor knuffels is het zelfs voor mij aan de plakkerige kant vandaag… Wat nu dan? En hoe moeten we liggen? Jajim vindt dat waaiding fijn, ik vind het
een vreemd robot ding. Mijn favoriete plekjes zijn altijd zo hoog mogelijk, in mijn mandje dat regelmatig vraagt om opgeschud te worden, in een radiator hangmatje of bovenop de kast. Ja, daar ga ik liggen. Helemaal bovenin. Alsof het géén 32 graden is binnen, race ik met een bloedgang via de krabpaal omhoog en klim bovenop de kast. ‘Ha, dit is het plekkie’, denk ik opgelucht, strek mijn pootjes en spreid al mijn tenen. Stiekem is het toch wel fijn om een pietsie van dat zachte briesje op te vangen.”
Show
Jajim: “En net als we gewend zijn aan ons nieuwe ritme, met overdag languit liggen en in het donker op avontuur gaan, furandert het. Opeens hangt er een soort mist in de lucht. Ik duw mijn neus door het gaas bij ons raam. Het ruikt naar regen. Net op het moment dat ik het denk, klinkt het ‘KLENG!’ en sneller dan het licht ren ik naar de gang. Even ben ik bang, een klein beetje maar hoor. Onze mensenbroer legt uit dat het wolken zijn die elkaar kopjes geven. Niet veel later stort er met veel kabaal een tropische regenbui neer op ons balkon en er komen zelfs ijsballetjes. De wolken maken felle flitsen in de donkere lucht, het lijkt wel een lichtshow! Zelf weet ik even niet wat ik ervan vind, maar Frou Frou is niet onder de indruk. Alsof er niks aan de hand is, gaat ze rustig verder met haar dutje.”
Hoe zijn jullie de hete dagen doorgekomen?
Zachte kopjes,
Jajim en Frou Frou